
Einde van het Europese ODR-platform
De EU heeft officieel het einde bevestigd van het Europese Online Dispute Resolution (ODR)-platform, dat sinds 2013 bestaat. In werkelijkheid werd het platform beperkt gebruikt. Veel consumenten hadden moeite om het te vinden, en verkopers hielden zich vaak terug uit het proces. Daardoor leverde het systeem geen betekenisvolle resultaten op.
De herziene richtlijn over Alternatieve Dispute Resolution (ADR) laat het gecentraliseerde model volledig varen. In plaats van één Europese oplossing wendt de EU zich tot nationale en sectorspecifieke ADR-organen, die in veel lidstaten al bekender en effectiever zijn.
Waarom de regels veranderen
De Europese e-commerce is sinds 2013 aanzienlijk veranderd. Grensoverschrijdende online verkoop neemt nu een veel groter marktaandeel uit, terwijl de verwachtingen van consumenten over snelheid en toegankelijkheid zijn toegenomen.
Een enkel, EU-breed geschilplatform bleek te los van lokale praktijken. Volgens de nieuwe regels zullen lidstaten verplicht zijn om actief ADR-systemen te organiseren in sectoren met hoge klachtenvolumes, waaronder e-commerce en online diensten. De nadruk ligt op duidelijke verantwoordelijkheden, transparantie en gemakkelijke toegang voor consumenten.
Wat verandert voor e-shops
Voor online retailers betreft de grootste verandering klantinformatie.
E-shops hoeven niet langer te koppelen aan het Europese ODR-platform, maar moeten consumenten nog steeds duidelijk informeren over beschikbare ADR-opties.
Het belangrijkste verschil is dat deze informatie nu land- en sectorspecifiek zal zijn. Voor e-shops die in meerdere EU-markten verkopen, betekent dit meer administratief werk en een sterkere behoefte aan het begrijpen van lokale geschiloplossingskaders.
20 werkdagen om te reageren
Een van de belangrijkste nieuwe verplichtingen is een vaste reactiedeadline. Als een ADR-instantie contact opneemt met een e-shop, moet de verkoper binnen 20 werkdagen reageren. Het niet doen hiervan wordt gezien als een weigering om mee te werken en kan leiden tot sancties.
Deze regel geldt ook voor niet-EU-verkopers als zij klachten van Europese consumenten behandelen. In de praktijk creëert het extra druk om duidelijke interne processen te hebben voor het afhandelen van geschillen en klachten.
Wanneer de wijzigingen van kracht worden
De richtlijn treedt formeel in werking op 19 januari 2026, waarna de lidstaten haar moeten omzetten in nationale wetgeving. Dit wetgevingsproces zal tijd kosten, en de nieuwe regels zullen naar verwachting vanaf 2028 in de praktijk van kracht zijn.
Voor e-commercebedrijven is de boodschap duidelijk: geschiloplossing in de EU wordt steeds lokaler, gestructureerder en moeilijker te negeren.